Pioppini in de tuin? Neen, honingzwammen

Geen paddenstoelenspecialist zijnde toch een beetje rondgesnord op het net om dit zwammetje te identificeren. Sinds een paar dagen vormen ze een aanzwellende kolonie van een kleine honderd bijeen midden op het tuinpad dat vroeger langs de intussen gevelde rode esdoorn liep. Ik heb nog niet durven kijken op welk substraat de zwammen groeien, maar ze zien er verrukkelijk uit en ze geuren naar echte champignons. Ik heb zin om ze meteen in de pan te slaan met een pasta of een risotto, maar ik wil wel eerst zekerheid natuurlijk.

Ze doen me vooral denken aan de pioppini (Cyclocybe aegerita of Agrocybe aegerita) die ik vorige winter in de supermarkt in Italië kocht en klaarmaakte, maar toch twijfel ik nog een beetje. Met Agrocybe kom je uit bij de familie van de leemhoeden en die zwammen zien er mij veel groter uit; bovendien groeien ze niet in groep, zoals die in onze tuin.

 

Follow-up 3 november 2018:

Omdat ik zekerheid wou over de identiteit van de vermeende pioppini postte ik de foto bovenrechts op de FB-groep van VELT, Vereniging Ecologisch Land- en Tuinbouw. Ik had het beter niet gedaan, want werd meteen gekapitteld als natuurschender in volgende bewoordingen: ,,de topic hier: hier werd -overbodig- geplukt met de vraag of ze eetbaar is. De foto had genomen kunnen w vd levende paddestoel; nu is ze zinloos vernietigd. Het gaat ‘m over de afwezigheid v respect voor het leven. Ik snap dat ’t mss overdreven kan overkomen (maar daarom zal ik niet zwijgen. 🙂 ) Daarnaast oeverloze welles-nietes discussies of je nu zwammen mocht plukken of niet, al dan niet met toestemming van de eigenaar.

Gelukkig kwamen er ook meer gewone antwoorden: zo weet ik nu dat de paddenstoel niet de pioppino is, maar de echte honingzwam, vrij taai en moeilijk te consumeren; je moet hem eerst een half uur koken en dan blijft er uiteraard weinig smaak over; geen culinaire hoogvlieger. De natuur-fundi’s of ecofascisten van VELT kan ik geruststellen: de honingzwam heeft intussen op het oude, dode wortelgestel van de rode esdoorn tientallen zwammenkolonies gevormd, met telkens zo’n honderd exemplaren per kolonie. Dat dat ene zwammetje geofferd werd om de naam te weten te komen, is dus helemaal niet zo erg.

Intussen is er al een nieuwe soort opgedoken op het wortelgestel. Zie foto’s hieronder. Ik ben wijs geworden en ga met een app de soort proberen te bepalen; de FB-fundi’s heb ik gehad.

Advertenties