Everzwijn(bief)stuk nr.2

 

Het everzwijnbiefstukje bruinen in boter om het dicht te schroeien: zo bewaar je  de sappen in het stukje vlees.

Terwijl ik daarmee bezig ben, voel ik me een beetje jager-verzamelaar in de grot van Lascaux, zoals hij door Georges Bataille beschreven wordt. Bataille zegt dat het door de jager gedode dier in het verschijnen van de tekening vereerd wordt door de grotschilder in Lascaux. Er gebeurt een soort van psychologische schuldvereffening voor het feit dat een grens (die van de angst voor de dood) overschreden wordt, een taboe doorbroken.   De jager doodt immers zijn gelijke, het dier. Achteraf wordt het dier, dat zich aanbood en zijn leven gaf, vereerd en niet de jager.

Niet toevallig had ik dus enkele dagen ervoor al tijdens mijn laatste tekenles een opgezette kop van een everzwijn getekend. Vorige zomer kroop ik tijdens een poëtisch probeersel in de huid van een everzwijn (1).

Een onheilsbericht uit het verre Guagnolo van onze Italiaanse buurvrouw haalt me uit de grot van Lascaux. De zondvloed van de voorbije dagen heeft er de weg naar onze borgo half weggespoeld. Guagnolo is enkel nog te voet bereikbaar, zoals met een muilezel honderd jaar geleden. De erosie waaraan de Ligurische terrassen elke winter ten prooi vallen, wordt mee veroorzaakt door een overpopulatie van met halfwilde varkens gekruiste everzwijnen. En zo ben ik toch weer bij mijn onderwerp. Everzwijnen trekken diepe sporen door het landschap, wroeten met poten en snoet de eeuwenoude terrasmuren los, die de paters Benedictijnen duizend jaar geleden ooit aanlegden. Die overpopulatie hebben die onnozele jagers op hun geweten: zowat elk moedereverzwijn in Liguria werpt sedert het uitzetten van die halfwilde varkens, tien jongen in plaats van vijf. Zo zijn er in de herfst meer evers neer te knallen. De huiver voor het overschrijden van de grens van de dood van de grottenmens in Lascaux is ver weg. Het doden van het dier is een spel geworden, waarbij het leven van de jager al lang niet meer op het spel staat. En ons everzwijnbiefstukje? Het komt uit Delhaize.


(1) https://patrickghyselen.wordpress.com/ligurian-notes/sono-un-cinghiale/