Argonauten lijden schipbreuk bij afscheid van Jan Hoet.

Drie weken geleden zakte in Mu.ZEE Anselm Kiefers kunstwerk dat bestond uit een verzameling loden boeken met het oorlogsschip van  ,,De Argonauten” erop helemaal scheef. De zeevaarders leden letterlijk schipbreuk. Het is een beetje symptomatisch voor de posthume hulde aan Jan Hoet ,,De Zee”. Dit eresaluut kan slechts sporadisch bekoren en tegelijk vraag je je af of Hoet het schip wel had kunnen redden, als hij nog geleefd had. Er zijn te weinig topwerken aanwezig in het museum zelf en de locaties in Oostende zelf beklijven – op een paar uitzonderingen na – niet echt.

Misschien dachten de curatoren die het zaakje van de te vroeg gestorven Hoet overnamen, dat je met een canon van grote, hedendaagse namen voldoende hebt om  die tweejaarlijkse toptentoonstelling te organiseren die ook nog eens een blockbuster moet worden qua publieke opkomst voor Oostende. Het is een verkeerde strategie. Het bewijs hiervan leverde het overzicht van het werk van de Aguirre twee jaar geleden, dat in zijn eentje mij veel meer bijblijft, dan al hetgeen dit keer bij elkaar werd gebracht. De grote namen voldoen niet, vooral omdat het iets te vaak gaat over de secundaire werkjes. Dan mogen er nog namen klinken als Turner, Matisse, Courbet, Tuymans, Borremans. Zelfs het stuk wrakhout van Kounellis verzinkt in het niet. We kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat een betere selectie met iets minder, maar  kwalitatief sterkere werken, hier beter ware geweest.

De locaties dan: le batteau imaginaire valt nauwelijks op in zijn nochtans kale en winterse setting van het Leopoldpark; de drie verdiepingen hoge trappen in de Grote Post kun je jezelf ook besparen, want geen van de daar tentoongestelde werken blijft echt op het netvlies hangen. Was er in heel de stad geen enkele, oude vuurtoren beschikbaar voor de Lighthouse Keeper (Rodney Graham)? Richting Oosteroever bvb., dat vermaledijde stadsdeel dat straks volgebouwd wordt met glas en beton, te grabbel gegooid aan speculanten en tweede verblijven… Bij de Mercator zijn de vlaggetjes dan al weer enkele weken zoek, vanwege weggewaaid… en niet vervangen.

In het Ensorhuis zie je hoe de neergang van Oostende cultureel niet te stuiten valt. Wanneer wordt het interieur van dit stemmige museumpje eindelijk eens opgeknapt? De integratie van de uiteengerafelde borduurwerken van Scholte verwezen enkel maar naar het op de draad versleten pluche van Ensors Salon Bleu en de moderne Hop Frog was nagenoeg onvindbaar. Ook het Kapucijnenkerkje – als locatie nochtans speciaal – is een regelrechte ontgoocheling.

Ciné Capitole met het geheimzinnige videowerk van Bill Viola is dan een zeldzaam hoogtepunt. Dergelijke momenten zijn er gewoon te weinig. Tegelijk vraag je je bang af, wat er met dit historisch pand op termijn staat te gebeuren in de aan bouwpromotoren uitgeleverde koningin der bakstenen. Ook Kris Martins ,,Altar” kon mij wel bekoren, enig mooi en met de oer-eenvoudige boodschap, dat het mooiste kunstwerk van al, toch wel de zee zelf is zeker, dat eeuwig veranderlijke spektakel waarnaar we kijken, kijken en blijven kijken: het kunstschone dat het moet afleggen tegen het natuurschone. Straks verhuist dit Noordzee-triptiek naar New York.

 

WP_20150327_004_copya

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s